content:
datum 08 jan 2021 geplaatst door Redactie

Wat een hijsa…

 

De theaters zijn dicht, de podia zijn leeg. Het is een treurige tijd. Toch valt er voor technici nog wel iets te doen. We bereiden ons voor op het moment dat de coronacrisis voorbij is en het leven hopelijk weer gaat bruisen. We grijpen deze stille periode aan om techniek te controleren en waar nodig op orde te brengen.

Als adviseur podiumtechnieken kom ik in de meest uiteenlopende plekken. De Afgelopen maanden ben ik bij veel kleine podia langs geweest. Podia die drijven op de betrokkenheid en bevlogenheid van initiatiefnemers en waar met nauwelijks tot geen middelen de podiumruimte voorzien wordt van geluid, licht en bedoeking. Ook ben ik regelmatig bij grote podia te gast waar internationale programmering een plek vindt. Bij beide type instellingen komt het voor dat de hijsinstallatie niet aan de regels voldoet. Meestal komt dit doordat de accommodatie, en daarmee de installatie, zich door de jaren heen heeft ontwikkeld. Alleen bij de oplevering van een nieuw gebouw of een nieuwe installatie heeft men doorgaans oog voor de keuring. 

Reële veiligheid en regelveiligheid
Van een popbunker in Boskoop, een multifunctionele zaal in Horst aan de Maas tot de zaal van World Forum in Den Haag met 2160 stoelen. Hoeveel zitplekken er ook zijn, je hebt altijd te maken met ingehangen lampen, speakers, decorstukken, backdrops en aanverwanten. Vaak is er wel bekend dat er voor het hijsen en hangen van lasten regels zijn, maar de complexiteit schrikt af.

De laatste – in coronatijd - geharmoniseerde norm is de EN17206 waarmee men in Europa heeft afgesproken welk soort gebruik bij welke veiligheidsmaatregelen hoort. Te denken valt aan “dood hangen” of beweging boven het publiek, waarbij ook de hefpodia meegaan als daar een 50-koppig koor op staat.

In de meeste gevallen is er bij de technici van een locatie veel gevoel voor materiaal aanwezig. Toch ken ik ook een groot podium waar men de keuze heeft uit vier verschillende noodstoppen op allemaal verschillende plekken waarvan geen van die noodstoppen de toneelheffer stopt die het been van een gestruikelde figurant aan het afknippen is. En kwam ik in een gebouw waarvan het dak van de zaal 12 centimeter doorbuigt bij het stoppen van een hijsbeweging...

Een installatie aan het plafond voldoet soms niet aan de regels, maar vaak is het niet waarschijnlijk dat het mis zal gaan. De reële veiligheid is dan niet in het geding. De regelveiligheid echter wel, en dat kan bij een incident tot aansprakelijkheidsprocedures leiden. 

Veiligheid heeft een prijskaartje
Externe adviseurs (zoals veel leden van Cultureon) zijn geregeld betrokken bij het adviseren over voorzieningen rond (podium)kunst. Bij het aanpassen of nieuw ontwikkelen van een podium zijn de verwachtingen rond het hangen, hijsen en heffen in grote mate bepalend voor de (ver)bouw- en (her)inrichtingskosten en daarom is het zaak goed en tijdig naar deze kostenposten te kijken. Daarbij zijn ophang- en hijsmiddelen prijzig, niet alleen in de aanschaf maar ook in het onderhoud. Bij de aanschaf van steels, stroppen, kettingen, staalkabels, D-sluitingen, takels, lieren, heffers en liften moet er rekening mee worden gehouden dat er vaak ook bouwkundige voorzieningen nodig zijn (zoals versterkte spanten of een voor het hangen en hijsen aangepaste constructie). En functioneert het eenmaal, dan is goed onderhoud belangrijk, inclusief het blijvend voldoen aan de certificeringseisen.

In veel gevallen is een gemeente eigenaar of beheerder van het culturele gebouw en de vaste installaties. De hijs- of hanginstallatie valt daar bijna altijd onder. De overheid heeft een verantwoordelijkheid wat betreft de veiligheid en een voorbeeldfunctie als het gaat om conformiteit aan de voorschriften. Deze coronatijd leent zich er prima voor om alles te checken en om als culturele huurder met je gemeente in gesprek te gaan over de ambities voor de komende jaren en het aanvullende technisch onderhoud dat dit wellicht vergt. 

 

Door: Koen Kochadviseur podiumtechnieken